Brandweerwagens

Er bestaan vele verschillende brandweerwagens. Naast voertuigen beschikt de brandweer ook over aanhangers, containers en zelfs boten. Wil jij een spreekbeurt geven over de brandweer? Dan vind je hier alle informatie die je nodig hebt.

brandweerwagens

Tankautospuit (TS)

De tankautospuit (vaak afgekort tot “TS”) is het basisvoertuig van de brandweerwagens. Vrijwel iedere kazerne in Nederland, groot of klein, heeft een tankautospuit in de kazerne staan. De tankautospuit rukt ook vrijwel bij iedere melding uit. Of er nu brand is, een ongeval is gebeurt of een auto het water in is gereden, altijd rukt ook de tankautospuit uit. Vaak worden er naast de tankautospuit dan ook specialistische voertuigen mee gealarmeerd.

In de tankautospuit is plek voor 7 brandweerlieden: 1 chauffeur, 1 bevelvoerder, 4 manschappen en 1 stagiair. In de manschappencabine (het voorste deel van de tankautospuit, waar de brandweerlieden zitten) zijn vele materialen te vinden die voor de persoonlijke bescherming van de brandweerlieden dienen. Denk hierbij aan luchtflessen, portofoons en zaklampen.

De tankautospuit heeft vele verschillende materialen bij zich om de meest uiteenlopende incidenten te kunnen bestrijden. Een paar voorbeelden: slangen, kettingzaag, pylonnen, aggregaat (apparaat om stroom te maken), ladder, ventilator, hydraulische schaar (om auto┬┤s open te knippen na een ongeval), EHBO koffer enz… Tot slot heeft een tankautospuit 1500 liter water bij zich. Dat zijn 10.000 plastic bekertjes met water!

redvoertuig brandweer

Redvoertuig (RV) Brandweerwagens

Redvoertuigen zijn de bekende grote brandweervoertuigen met een gigantische ladder of hoogwerker achterop. Ondanks de naam, zijn ze niet alleen bedoeld om mensen te redden. Ze kunnen bijvoorbeeld ook gebruikt worden om van bovenaf een brand te blussen of verlichting te maken tijdens een incident op een donkere plek. Er zijn twee soorten redvoertuigen: autoladders (AL) en hoogwerkers (HW).

Beide voertuigen doen niet voor elkaar onder en hebben zo hun eigen voor- en nadelen. Beide kunnen een hoogte van ongeveer 30 meter bereiken. Ook worden beide voertuigen bemand door 2 brandweerlieden: een chauffeur en een bijrijder. De grootse verschillen zijn:

brandweerwagens
  • Een autoladder is echt een ladder waarlangs vele mensen achter elkaar kunnen vluchten uit bijvoorbeeld een brandend gebouw. Bij een hoogwerker kunnen de mensen niet omlaag klimmen, dus deze zal steeds op en neer moeten om grote groepen mensen te redden.
  • Een hoogwerker heeft vaak een grotere korf, waar meer mensen in passen en die ook meer gewicht kan dragen.
  • Een hoogwerker kan beter manouevreren, omdat de onderdelen van de draagarm ten opzichte van elkaar kunnen bewegen. Bij een autoladder kan dit niet.
brandweerwagens

Hulpverleningsvoertuig (HV)

Een hulpverleningsvoertuig is ondersteunend aan een tankautospuit en wordt bemand door 2 brandweerlieden: een chauffeur en een bijrijder. De materialen uit het hulpverleningsvoertuig worden bediend door de bemanning van de tankautospuit. Dit kan echter per veiligheidsregio verschillen.



Een hulpverleningsvoertuig is bepakt met vele verschillende materialen. Zo liggen er extra zware en uitgebreide hydraulische gereedschappen op om personen te bevrijden bij bijvoorbeeld verkeersongevallen. Deze gereedschappen zijn zo sterk dat ze zelfs voor vrachtwagens kunnen worden gebruikt. Ook liggen er materialen op de HV om zware lasten op te tillen. Een voorbeeld hiervan zijn de zogenaamde hefkussens. Deze kunnen een last (bijvoorbeeld een betonplaat) tot wel 50.000 kg optillen! Tot slot zijn sommige HV’s uitgerust met een kleine kraan achterop.

duikwagen brandweer

Waterongevallenvoertuig (WO)

Een waterongevallenvoertuig, ook wel duikwagen genoemd, brengt de brandweerduikers zo snel mogelijk op de plaats van het incident. Het voertuig rukt voornamelijk uit bij meldingen van personen of voertuigen die te water zijn geraakt. De WO wordt bemand door 5 brandweerlieden: een chauffeur, een duikploegleider, een assistent en 2 duikers. De duikers kleden zich aan tijdens het aanrijden naar het incident toe. Dit is een erg zware klus, aangezien de WO dan vaak alle kanten op schut.

brandweerwagens

Haakarmvoertuig (HA)

Een haakarmvoertuig is eigenlijk een lege vrachtauto met een grote haak achterop. Met deze grote haak kan het voertuig verschillende soorten containers vervoeren. De container die hij mee neemt hangt af van het incident. Bij een brand kan hij voorbeeld een container meenemen met 3 kilometer aan slangen. Er zijn ook containers speciaal voor instortingen, met blusschuim, met verlichting, met gaspakken en ga zo maar door. Een erg flexibel voertuig dus. Het voertuig wordt bemand door 2 brandweerlieden.

crashtender brandweer

Crashtender Brandweerwagens

De  crashtender is de koning van de brandweerwagens. Deze giganten komen voornamelijk voor op vliegvelden en zijn uitermate geschikt voor vliegtuigbrandbestrijding. Heel af en toe worden crashtenders ingezet bij andere incidenten, zoals bij de grote brand bij Chemie Pack in Moerdijk in 2011.

Ondanks hun grootte (12 meter lang) en gewicht (42.000 kg!) kunnen deze crashtenders in 25 seconden een snelheid van 80 km/h bereiken, dat is een hele prestatie voor zo’n gigantisch voertuig. Naast 12.000 liter water heeft het voertuig ook blusschuim en bluspoeder aan boord. Meestal wordt de crashtender bemand door 3 brandweerlieden.

Dienstauto’s (DA) Brandweerwagens

Naast de grote brandweervoertuigen zijn er ook vele personenauto’s in gebruik bij de brandweer. Deze worden onder andere gebruikt voor het ter plaatse brengen van functionarissen zoals de officier van dienst (OVD) en de adviseur gevaarlijke stoffen (AGS). Daarnaast worden de dienstauto’s ook gebruikt om brandveiligheidscontroles uit te voeren of om brandweerlieden te vervoeren naar trainingen.

Ook zijn er groene dienstauto’s op de weg te vinden. Hierin rijden functionarissen van de veiligheidsregio met een dringende taak. Zij komen vooral in actie bij grote calamiteiten en rampen.

Aanhangers

De brandweer heeft ook verschillende aanhangers in gebruik. Voorbeelden zijn de poederblusaanhanger en de schuimblusaanhanger. Deze worden ingezet wanneer blussen met water geen optie is en er grote hoeveelheden blusschuim en bluspoeder nogig zijn. Dit is bijvoorbeeld het geval bij electriciteitsbranden of brandende vloeistofplassen. Vaak gaat het om 250 kg bluspoeder (dit zijn meer dan 40 normale poederblussers!) en 1.000 liter schuimvormend middel. Dit schuimvormend middel wordt gemengd met water waardoor blusschuim ontstaat.

Brandweervaartuigen

Voor brandbestrijding en hulpverlening op het water heeft de brandweer boten in dienst. Grote blusboten zoals op de foto zijn gestationeerd in Dordrecht, Nijmegen en Tiel. Daarnaast hebben vele korpsen ook kleine brandweervaartuigen in dienst. Vaak staan deze op een trailer in de kazerne zodat ze te water gelaten kunnen worden op de plek waar dat nodig is.